Onder red. M. Adriaansen en J. Peters, oktober 2018 door Margreet van der Cingel

Algemene indruk: Een rijk en tegelijkertijd handzaam boek over het wat, hoe en waarom van vakinhoudelijk leiderschap binnen het verpleegkundig handelen op bachelor niveau. Het boek biedt een stevig en gedegen onderbouwd inzicht in wat leiderschap in het verpleegkundig beroep betekent. Het boek heeft aanvullend online interviews, opdrachten en toetsen, waarmee het verpleegkunde (bachelor)onderwijs ondersteund wordt.

Inhoud: De auteurs geven in 9 hoofdstukken invulling aan thema leiderschap en bestrijken daarmee een breed palet. Men wil leiderschapsontwikkeling als geïntegreerde leerlijn bezien en presenteren. De brede benadering van het boek is daarmee consistent. Het Clinical Nurse Leader Conceptual Framework wordt benoemd om aan te geven dat leiderschapsontwikkeling een verantwoordelijkheid is van respectievelijk de organisatie, praktijk, opleiding en de student zelf. Het boek steekt in op theorie en evidence als basis voor leiderschaps-ontwikkeling. Ook wordt aangegeven hoe leiderschap in de Canmedsrollen verweven is. Leiderschap wordt zo vanuit meerdere invalshoeken besproken. In de hoofdstukken komen veel aspecten van verpleegkundig leiderschap voorbij en wordt de betekenis in relatie tot beroepsmatig handelen geduid. Uiteraard worden leiderschapsstijlen en modellen verhelderd; er wordt aangegeven wat leiderschap in (team)samenwerking is; klinisch, persoonlijk en professioneel leiderschap worden behandeld; en er zijn hoofdstukken waarin de relatie tussen leiderschap en kwaliteit van zorg, coördinatie van zorg en innovatie & implementatie wordt gelegd. Het boek eindigt met een hoofdstuk over de economische aspecten van de gezondheidszorg. Door deze opbouw is een zeer gedegen en actueel overzicht ontstaan van kennis, onderliggende theorieën en modellen die relevant zijn voor de ontwikkeling tot een bachelor verpleegkundige die leiderschap toont.

Gebruik: Het boek is met veel casuïstiek verrijkt. Hierdoor biedt het gelegenheid een goede koppeling te maken naar de uitoefening van leiderschap in organisaties, teams en het dagelijks werk. De online opdrachten zijn daarbij doelgericht en ondersteunend. De multiple-choice toetsvragen per hoofdstuk staan wat haaks op rest van het boek dat juist insteekt op diepergaand inzicht en een continue competentieontwikkeling. Dat heeft uiteraard ook reproductieve kennis als voorwaarde, maar de vragen doen soms wat gekunsteld aan. Dat neemt niet weg dat daarmee benadrukt wordt dat je voor leiderschaps-ontwikkeling kennis nodig hebt. De interviews met verpleegkundigen zijn vooral verpleegkundigen die al een specifieke positie hebben bereikt. Wellicht dat de ‘gewone’ verpleegkundige wat moeite heeft zich hierin te herkennen, toch bieden deze rolmodellen beslist inspiratie. De online extra’s zijn dan ook een mooie toevoeging. Overigens werken deze soms nog wat onhandig, zo is het niet meteen duidelijk dat de video’s in de volledige tekst te vinden zijn en staan de hoofdstukken op de site in omgekeerde volgorde. De literatuur, websites en andere bronnen/materialen, waaronder diverse meetinstrumenten, weerspiegelen eveneens de brede insteek van het boek en nodigen uit tot verdieping en toepassing.

Conclusie

De auteurs geven door de integrale benadering van leiderschap in de verpleegkunde een zeer goed beeld van de verwevenheid ervan in al het professioneel handelen, de kennis die daarvoor nodig is, en de eisen die aan dat handelen verbonden zijn. Dat heeft hooguit als nadeel dat het boek haast te volledig lijkt te willen zijn in het bestrijken van het domein. Het vraagt een goed gestructureerde aanpak en doordacht gebruik om het aangeboden materiaal bij studenten en beroepsbeoefenaren te laten landen. Dit laat onverlet dat dit boek stevig en sterk materiaal biedt om de ontwikkeling van leiderschap in de verpleegkunde onderbouwd te ondersteunen.